Zelf behang plakken lukt prima als je de juiste volgorde aanhoudt. Met een goede voorbereiding, de juiste materialen en een beetje geduld hang je strakke banen zonder bobbels of scheefstaande randen. In dit artikel lees je precies wat je nodig hebt en hoe je het aanpakt.

Dit heb je nodig voor behang plakken

Zorg dat je alles bij de hand hebt voordat je begint. Zo hoef je niet halverwege te stoppen. Voor het behangen van een muur heb je de volgende gereedschappen nodig:

  • Behangliniaal
  • Schaar en afbreekmes
  • Rolmaat of duimstok
  • Behangtafel
  • Lange waterpas of schietlood
  • Lijmkwast of lijmroller
  • Aandrukroller
  • Behangspatel
  • Vochtige doek

Aan materialen heb je vliesbehang, behanglijm en stucloper nodig. Controleer voordat je aan de slag gaat of alle behangrollen hetzelfde kleurnummer of batchnummer hebben. Rollen uit verschillende batches kunnen net iets van kleur afwijken, en dat zie je pas als het al te laat is.

Hoe bereid je de muur voor?

Een goede voorbereiding is het halve werk. Schakel eerst de stroom uit bij de groepen waar je aan werkt. Gebruik een spanningzoeker om te controleren of de stroom echt weg is. Verwijder daarna de afdekplaatjes van stopcontacten en lichtschakelaars.

Vul eventuele gaten of oneffenheden in de muur op. Voor een mooi eindresultaat is het slim om de muur ook egaal van kleur te maken. Donkere vlekken of een fel gekleurde ondergrond kunnen door licht behang heen schijnen. Breng in dat geval eerst een laag stucloper aan. Dit zorgt ook voor een betere hechting van de lijm.

De juiste startlijn bepalen

Hoeken van muren zijn zelden perfect recht. Begin daarom niet vanuit de hoek, maar trek eerst een loodrechte verticale lijn op de muur. Gebruik hiervoor een lange waterpas of een schietlood. Deze lijn is je ankerpunt voor de eerste baan. Als je die baan recht plakt, lopen alle volgende banen ook recht.

Stap voor stap behang plakken

Nu je de muur hebt voorbereid en je startlijn hebt getrokken, kun je beginnen met het eigenlijke behang plakken. Vliesbehang werkt iets anders dan traditioneel behang: bij vliesbehang breng je de lijm aan op de muur, niet op het behang zelf. Dat maakt het makkelijker en minder rommelig.

  • Meten en snijden: Meet de hoogte van de muur op en tel daar een paar centimeter bij op voor over- en ondermarge. Knip de eerste baan op maat en nummer hem. Doe dit voor meerdere banen tegelijk, zodat je snel kunt doorwerken.
  • Lijm aanbrengen op de muur: Breng behanglijm aan op het gedeelte van de muur waar de eerste baan komt. Werk een baan breed tegelijk.
  • Eerste baan plakken: Hang de eerste baan strak langs de loodrechte startlijn. Strijk de baan licht aan met een behangspatel en een droge doek. Werk van boven naar beneden en van het midden naar de zijkanten om luchtbellen weg te strijken.
  • Randen afwerken: Druk de randen bij het plafond en de plinten stevig aan met de aandrukroller. Snijd het overschot netjes af met een afbreekmes langs de behangliniaal.
  • Volgende banen aansluiten: Plak de volgende baan direct naast de vorige, zodat de naden precies aansluiten. Druk de naden aan met de aandrukroller.
  • Overtollige lijm verwijderen: Veeg eventuele lijmresten direct weg met een vochtige doek. Droog lijm is lastiger te verwijderen.

Wat doe je bij stopcontacten en hoeken?

Plak de baan gewoon over een stopcontact of schakelaar heen. Prik vervolgens voorzichtig een gaatje in het midden van het stopcontact en snijd vanuit dat punt diagonaal naar de hoeken. Vouw de flapjes om en snijd het overschot weg. Schroef het afdekplaatje daarna weer terug.

Bij binnenhoeken ga je als volgt te werk: meet de afstand van de laatste baan tot de hoek op en voeg daar een centimeter bij op. Snijd de baan op die breedte en plak hem zodat de extra centimeter om de hoek loopt. Begin daarna in de nieuwe wand opnieuw met een verse loodrechte lijn, en laat de nieuwe baan net over de omgevouwen rand heen komen.

Veelgemaakte fouten bij het behangen

Beginners slaan de voorbereiding nog weleens over, maar een onvlakke of ongekleurde muur is later goed zichtbaar onder het behang. Een andere veelgemaakte fout is beginnen vanuit de hoek zonder een rechte referentielijn te trekken. De banen lopen dan al na een paar stukken scheef. Vergeet ook niet de banen te nummeren als je ze van tevoren op maat snijdt. Zo hang je ze altijd in de juiste volgorde en houd je het patroonrapport intact.

Klaar om te beginnen?

Behang plakken is een klus die je, met de juiste aanpak, prima zelf kunt doen. Neem de tijd voor de voorbereiding, trek altijd een rechte startlijn en werk netjes baan voor baan. Dan hang je een strakke muur waar je echt trots op kunt zijn.

Veelgestelde vragen

Moet je bij vliesbehang de lijm op het behang of op de muur aanbrengen?
Bij vliesbehang breng je de lijm aan op de muur, niet op het behang. Dat is een van de grote voordelen van vliesbehang: het behang zelf hoeft niet te weken en krimpt niet. Je werkt daardoor sneller en nauwkeuriger.

Hoe weet je hoeveel rollen behang je nodig hebt?
Meet de omtrek van de ruimte op en deel die door de breedte van een behangrol. Vermenigvuldig het aantal banen met de kamerhoogte en tel daar wat uitval bij op voor patroonrapport en marge. Controleer altijd op de verpakking hoeveel vierkante meter een rol dekt en bereken op basis daarvan het benodigde aantal.

Wat is een patroonrapport en waarom is het belangrijk?
Een patroonrapport is de afstand waarna een patroon op het behang zich herhaalt. Als je banen knipt, moet je rekening houden met dit rapport zodat het patroon op de aansluitende banen naadloos doorloopt. Hoe groter het rapport, hoe meer uitval je hebt bij het snijden.

Kan je behang plakken over oud behang heen?
Dat wordt in de meeste gevallen afgeraden. Oud behang kan loslaten of bobbels veroorzaken onder het nieuwe behang. Verwijder het oude behang het liefst volledig en zorg voor een schone, egale ondergrond voordat je begint.

Hoe voorkom je bobbels in het behang?
Bobbels ontstaan vaak door lucht die niet goed is weggestreken. Werk bij het aanbrengen van een baan altijd van het midden naar de zijkanten en van boven naar beneden. Gebruik een behangspatel of een droge doek om de lucht er gelijkmatig uit te strijken. Kleine bobbels verdwijnen vaak vanzelf als de lijm droog is.

Comments are closed.